Bescherm je snuit: hoofd opzij en armen in een ruit

Voorover vallen

Met de valoefening 'Bescherm je snuit: Hoofd opzij, armen in een ruit' leert jouw kind veilig voorover vallen.

Doel

De kinderen leren zichzelf veilig op te vangen met hun armen in de juiste houding als ze voorover vallen of uit balans raken, waarbij ze ook leren hun hoofd van de grond te houden tijdens de val.

Doelgroep

Voor kinderen vanaf 4 jaar

Aanpak

Bij iedere oefening hoort een fantasie die jullie naspelen. Zo zijn de kinderen de ene keer een sluipende leeuw en spelen ze daarna weer een ijsbeer die van een rots tuimelt. Bij iedere oefening geven we een adviesleeftijd, advies over de materialen die je nodig hebt en tips om de oefening moeilijker of makkelijker te maken.

Dit leert je kind

Als je kind voorover valt of uit balans raakt:

  • vangt hij zichzelf veilig op met zijn armen in de juiste houding.
  • houdt hij zijn hoofd van de grond.

Dit heb je nodig

Bereid je goed voor. Dit zijn de benodigde materialen: 

  • Een geschikte ondergrond zoals een mat, matras, dik tapijt of gras.
  • Een ceintuur, riem of judoband, met eventueel een knuffel (de prooi) eraan vastgebonden

Aan de slag

Video

Marinka en Mara doen het voor

Let op: de oefeningen zijn op je mobiele telefoon helaas niet goed te bekijken. Je kunt dan beter de pdf downloaden.

Oefening 1

Wees niet bang: maak je lang!

Fantasie

Een leeuw rekt zich uit en maakt zich lang.
Wat een groot dier en beslist niet bang.
Hij duikt naar voren en gromt daarbij luid.
Hij valt veilig op zijn poten en niet op zijn snuit.

placeholder

Zo doe je de oefening  

  1. Je kind is de 'leeuw' en zit op zijn knieën, met z'n billen op de hielen. Hij buigt naar voren en zijn knieën en onderbenen blijven hierbij op de grond.
  2. Hij plaatst zijn handen voor zijn knieën, plat op de grond, met zijn vingers naar voren gericht.
  3. Je kind schuift zijn handen om de beurt zo langzaam mogelijk 'sluipend' naar voren en houdt zijn hoofd hierbij opzij gedraaid.
  4. Dan schuift hij zijn handen zover naar voren, dat hij languit op zijn bovenlichaam belandt en zijn handen tot onder z'n kin of nog iets verder naar voren zijn.
  5. Hierbij komen zijn armen gehoekt voor z'n borst, met de ellebogen naar buiten gericht (ze vormen een soort ruit).
  6. Voer het tempo voorzichtig op: eerst gaat hij heel langzaam (sluipend), daarna steeds sneller. 
placeholder
Oefening 2

Het is nog vroeg: is ie snel genoeg?

Fantasie

De leeuw gaat op jacht en daar ziet hij zijn prooi.
Hij loert en sluipt, dat kan hij zo mooi.
Hij duikt brullend naar voren, maar wat een pech.
De prooi glipt vlak voor zijn neus weg.

placeholder

Zo doe je de oefening

  1. Je kind gaat in dezelfde startpositie zitten als bij oefening 1.
  2. Jij gaat op ongeveer 2 a 3 meter afstanden tegenover de leeuw zitten als zijn 'trainer'.
  3. Jij hebt een touw / ceintuur vast met hier een knuffel aan vastgebonden (de prooi) en legt deze op ongeveer 1,5 meter afstand van de leeuw.
  4. Je kind volgt de eerste 3 stappen van oefening 1. 
  5. Wanneer de leeuw gromt of brult, mag hij zijn prooi (de knuffel) proberen te pakken door 'm te bespringen. De trainer probeert de prooi op tijd weg te trekken.
  6. Terwijl je kind naar voren springt, draait hij zijn hoofd opzij. Zo kan de prooi niet in zijn neus bijten.
  7. Als hij zijn prooi pakt, houdt hij zijn armen in een ruitvorm naast en onder zijn borst, zijn de ellebogen naar buiten gericht en zijn z'n handen ter hoogte van de oksels of lager.
placeholder
Oefening 3

De beer probeert het ook een keer

Fantasie

De beer heeft zojuist de leeuw gezien.
Zou het hem ook lukken heel misschien?
Grommend komt hij aangelopen.
Of het hem ook lukt, mag hij hopen!

placeholder

Zo doe je de oefening

  1. Je kind is nu de ‘beer’ en zit op zijn knieën, met de billen op z'n hielen. Hij komt omhoog waarbij zijn knieën en onderbenen op de grond blijven.
  2. Jij gaat op ongeveer 2 a 3 meter afstand tegenover de beer zitten als zijn 'trainer'.
  3. Jij hebt een touw / ceintuur vast met hier een knuffel aan vastgebonden (de prooi) en legt deze op ongeveer 1,5 meter afstand van de beer.
  4. De beer komt aanlopen, laag op zijn knieën, met z'n billen dichtbij de hakken. Hij probeert zijn prooi te bespringen en te pakken. Jij probeert de prooi op tijd voor de grijpende berenklauwen weg te trekken.
  5. Terwijl je kind naar voren duikt en de prooi grijpt, draait hij zijn hoofd opzij. Zo kan de prooi niet in zijn neus bijten.
  6. Als hij zijn prooi pakt, houdt hij zijn armen in een ruitvorm naast en onder zijn borst, zijn de ellebogen naar buiten gericht en zijn z'n handen ter hoogte van de oksels of lager.
placeholder
Tips

Zo maak je het moeilijker

Je kunt het tempo opvoeren, de kinderen hun ogen (half) dicht laten houden, op commando de oefening uit laten voeren, de hoogte opbouwen (vanuit knie-zit op de hurken tot rechtop op de knieën) of de afstand tussen de leeuw/beer en zijn prooi vergroten.

placeholder
Download

De volledige oefening

Download de oefening 'Bescherm je snuit: Hoofd opzij, armen in een ruit' hier en ga er mee aan de slag!

Alle valoefeningen

Bekijk hier meer oefeningen en leer je kind veilig voorover vallen, voorover rollen, opzij vallen, achterover vallen en achterover rollen.
Naar alle oefeningen