Tips voor het toezichthouden bij kinderen

En hoe je (andermans) kinderen kunt aanspreken op hun gedrag

Om het spelen op een luchtkussen voor alle kinderen leuk én veilig te houden, hebben we ‘speelregels’ opgesteld. Maar hoe zorg je ervoor dat jouw eigen kind deze regels opvolgt? En hoe doe je dat bij andere, enthousiast spelende kinderen? In dit blog geef ik je tips voor het houden van toezicht én hoe je (andermans) kinderen het beste kunt aanspreken op hun gedrag.

Foto van Mieke Cotterink
Auteur
Mieke Cotterink

We weten allemaal hoe enthousiast veel kinderen kunnen raken als ze met elkaar aan het springen zijn op een luchtkussen. Een botsing of valpartij is helemaal niet erg. Maar door de groeiende populariteit ervan, lopen steeds meer kinderen (vooral in de leeftijd van 5 t/m 14 jaar) ernstig letsel op bij het spelen op een luchtkussen.

Deze ongevallen zijn te voorkomen, als iedereen de speelregels opvolgt. Makkelijker gezegd dan gedaan? Ik geef je wat bruikbare tips!

Hoe hou je toezicht?

Er moet altijd een aangewezen toezichthouder zijn. Het voordeel daarvan is, dat je kinderen als toezichthouder makkelijker kunt aanspreken op hun gedrag. 

  • Maar dat hoef je natuurlijk niet de hele tijd zelf te doen: wissel af met andere volwassenen. 
  • De toezichthouder moet herkenbaar en nabij zijn. Doe voor de herkenbaarheid bijvoorbeeld een hesje aan en geef deze door als iemand anders toezicht gaat houden. 
  • Hou toezicht met z’n tweeën: jullie kunnen elkaar helpen en zo hou je het ook nog leuk. 

Hoe spreek je (andere) kinderen aan op hun gedrag?

  • Beloon goed gedrag: zeg tegen kinderen die het goed doen, dát ze het goed doen! Bijvoorbeeld wanneer oudere kinderen niet op het luchtkussen gaan als er jongere kinderen op spelen. 
  • Keur het ongewenste gedrag altijd duidelijk af. Benoem hierbij zoveel mogelijk het gewenste gedrag “Schoenen uit” in plaats van “Niet met schoenen springen”. 
  • Het is belangrijk dat kinderen de consequenties merken als ze zich niet goed gedragen: als een kind wild blijft springen na de vraag om hiermee te stoppen, dan moet het even van het luchtkussen af (time-out). 
  • Oudere kinderen kun je aanspreken op hun verantwoordelijkheid (bijvoorbeeld “Hou rekening met kleinere en jongere kinderen”). 
  • Verwijs naar de speelregels. Dat is makkelijk als ze in de omgeving te zien zijn, bijvoorbeeld op een poster of stoepbord. 
  • Als kinderen van verschillende leeftijden op het luchtkussen willen en ze het lastig vinden om op hun beurt te wachten, stel dan een extra regel op. Bijvoorbeeld “Iedereen springt twee minuten, dan is een andere groep aan de beurt”.

 

En bedenk: grijp alleen in als dat nodig is. Want spelen op een luchtkussen is goed voor kinderen. Het helpt ze om hun motorische en sociale vaardigheden te ontwikkelen, om hun grenzen te verleggen en risico’s beter te leren inschatten. Zo geef je jouw kind én de andere kinderen op het luchtkussen de ruimte om vrijuit te spelen én zichzelf te ontwikkelen!

 

HOU HET LEUK. HOU HET VEILIG.

Onze expert op dit onderwerp